Getuigenis - vormloos verdriet
Het pijnlichaam balde samen in mijn keelgebied.
“Het pijnlichaam balde samen in mijn keelgebied. De druk was immens, te veel voor het kleine kind dat daar verscholen lag. “Laat het maar komen”, fluisterde een medelievend medemens.
En er waren tranen. Zilte tranen. Lang verwrongen tranen. Tranen die waren opgesloten in een stilte die eerder niemand toevertrouwd was. Tranen die onuitgesproken woorden, een dichtgeknepen mond, een weggedraaid gezicht, een ingehouden knuffel en zelfbeschadiging omvatten. Tranen die de vermeende, verharde volwassene deden oplossen tot het kind dat het eigenlijk altijd nog was.
Tranen die konden zingen. Ze zongen over een beloofd nieuw leven, over een vergaan leven, over een ontheemde jeugd en het ongekend diepe verlangen gewoon te mogen spelen als een kind. Er waren tranen die het daglicht van andermans bewustzijn nooit getroffen hadden en die nu in de zachte handen van een heelmeester vielen. De zo sensitieve ander die mijn eigen ziel diens regie van verlichting teruggaf. Tranen rolden en ik ontrolde, tot de hele mens die ik daar was, de dappere mens die het nog altijd verscholen verdriet liet zien. Uitgelopen mascara sierde het gewin van de authenticiteit over het aangeleerde ik-doe-het-zelf-masker.
En er was moeheid. Veel moeheid. Maar geen zware moeheid. Gewoon, de behoefte aan rust en overgave. Er was zojuist iets begraven, er kwam zojuist iets tot leven. Tranen en tuiten getuigden van de transformatiekracht die sensitieve aanwezigheid heet. De realiteit zien zoals ze is, zoals ze is geweest, de tranen die dit bevestigen en de tuiten die herwonnen beleefgebied bevruchten met ontschoten levenskracht. De psyche kent haar eigen, natuurlijke, nu geëerde natuurwetten.
Zilte tranen proefden zoet. Zo zoet. Zo waar. Nu, voelde ik, is het niet meer nodig altijd maar alert te zijn. Nu, voelde ik, ben ik deel van een omarmend geheel, ben ik de dansende materie die al dansend meer en meer vormloos voelt.
Ik droogde mijn gezicht, liet mijn knieën het verlichte gewicht van mijn romp zachtjes opvangen en knielde neer voor een vrijgevochten doch zachtzinnig brandend kaarsje. Het leven mocht helemaal door me heen stromen. Zo is het echt, zei ik middels een zoemende zucht, met mijn adem stem gevend aan het gevoel dieper te durven leven."
Getuigenis - lief en licht
En dan is er een liefde die verlicht…
"De liefde is heel licht.
Er is een liefde.. die is letterlijk licht. Je zweeft, je voeten worden van de grond getild, in je buik speelt een sonnet, pardoes ben je een poëet, het leven is eén specifieke verbinding. Een onweerstaanbare drang tot overgave welt op en het gevoel precies op de juiste plek te zijn. Hier, hiernaast, móet ik zijn. Mag het?
Er is een ander soort liefde, zij omvat én transformeert de voorgaande. Zij maákt licht. Schept, schenkt, brengt. Zij is niet per se letterlijk licht. Ze is eerder vol, maar niets te veel, niets te overmatig, want ze ís. Het is een liefde die accepteert, helderheid voorstaat, niets verdoezelt, maar ook niets afdwingt of nodig vindt te benadrukken. Ze heeft een dermate natuurlijk ritme dat elke vorm van controle haar plank misslaat, haar ecosysteem verstaan is het leven kennen. Ze toont zich wanneer we toewijding laten zijn. Voel je, het verschil, de welhaast wringende paradox en toch...ze is heel gewoon in alle grootsheid. Ze vraagt om niets meer en minder dan er is. Ze fluistert, de fluistering is alleen in de stilte merkbaar. Een stilte die te horen is als het voelen van je lichaam en het te ruste leggen van gedachten. Loslaten is vrijlaten, onwetendheid herkennen is een vorm van diep weten, 'we' is iedereen. Zoiets zegt ze, fluisterend...Ze is enorm lichtgevoelig, zo houdt ze haar licht stralende.
En dan is er een liefde die verlicht. Een liefde die precies grenzen en wensen onderscheiden kan, of tot eén en dezelfde bron herleiden weet. Deze liefde is een mengelmoes van bovenstaande, ze prikkelt alle levenslust in je en ontneemt je nooit de daadkracht om hierin je eigen keuzes te herkennen. Ze weet de volheid en de leegte samen te spelen. Niet te kooien, de liefde die je verlangen is om dieper te voelen dan je zenuwstelsmatig voor mogelijk hield. Deze liefde is ook donker, ze weet dat liefde zich even vaak toont wanneer alle schaduwen samenvallen tot een ondoordringbaar, stralend slim zwart."
Getuigenis - inspiratie
Het belangrijkste is dat ik het werk, het creëren, kan afstemmen op mijn gevoelswereld.
"Graag ben ik in zekere zin altijd mijn eigen werkgever... Het belangrijkste daarbij is dat ik het werk, het creëren, kan afstemmen op mijn gevoelswereld. Voor creëren is inspiratie een basis. Inspiratie komt niet op afroep en zeker niet onder druk. Inspiratie vraagt openheid naar ervaring. Prikkels van buitenaf zijn voedend, het is daarbij belangrijk dat mijn binnenwereld ontvankelijk is voor de prikkel en de verwerking diepgaand en vergaand is. Dan ineens kan er inspiratie zijn en ik heb geleerd daár attent - niet zozeer angstig - op te reageren. Zodra ik de druk van buitenaf voel in de vorm van al dan niet met de realiteit overeenkomende verwachtingen of een verwarrende toestroom aan prikkels, is de creator in mij weg.
Ik heb me vaak verzet tegen deze 'instabiliteit', verweet mezelf té gevoelig te zijn. Nu zie ik het als de aard van het beestje. Sindsdien versta ik de creatieve wetten beter en word ik ook meer flexibel, met name door de ruimte te vragen die ik nodig heb om inspiratie te voelen en er adequaat op te reageren.
De benodigde ruimte kan ik ook vragen aan een externe werkgever. Hier komt emotionele ontwikkeling de kunstenaar in mij tegemoet. Assertief zijn over wat het creatieve proces, en ik als intenseling, nodig heb, dat is cruciaal om mijn werk te doen.
Bovendien, als ik het loskoppel van persoonlijk falen of zelfs een gestolde, persoonlijke eigenschap, zie ik dat ik hiermee iets groters honoreer dan dat ikzelf - of een externe werkgever - helemaal in de hand heb. Als ik gevraagd word iets te creëren, dan hebben we nu eenmaal met deze manier van werken te doen. Er zal iets door mij heen moeten stromen, wil 'niets' tot 'iets' verworden.
De spirituele zoeker in mij hernoemt dit graag tot een 'sacraal' aspect van het creatieve proces. De verbonden medemens in mij weet ondertussen dat concreet en direct hierover zijn in communicatie, ook naar mezelf, van belang is. Er zijn geen creatieve garanties en ik heb geen behoefte mezelf, of eigenlijk de creaties, eindeloos te imiteren. De doodslag van artistieke levendigheid is de druk tot herhaaldelijke productie. Dat zeg ik wat grotesk omdat het ook zo voelt, het voelt gróf. Terwijl openheid altijd uiterst sensitief en subtiel is, het is een poreuze beleving, jezelf tastbaar en doordringbaar opstellen zodat de kans toeneemt dat er in de uitwisseling met de binnenkomende buitenwereld in de binnenwereld iets opborrelt wat we inspiratie noemen.
Inspiratie is tenslotte lucht binnenlaten. Gaat iemand, inclusief ikzelf, op mijn borstkas zitten, dan loop ik leeg. Leeg is wel de ervaring die ik vaak op school had...
Inspirationele leegte herken ik ondertussen en zie ik als een staat die er mag zijn, ook hier weer geen druk.., maar zeker niet chronisch wenselijk is.
Soms baal ik nog weleens van de hypergevoeligheid richting andermans emoties, wensen, gevoelde eisen...de omgeving. Maar hey, het is dezelfde gevoeligheid die, wanneer naar binnen gekeerd, ongewone ideeën, verrassende vergezichten en van de norm afwijkende gedachten opmerkt. Die gevoeligheid is extern gericht weleens ontregelend, naar binnen toe gericht is het mijn belangrijkste werkgever. Bovendien, die extern gerichte gevoeligheid komt inspiratie meer dan ten goede wanneer er ruimte is.... Een vorm van leegte die niet bedreigend of doods aanvoelt, eerder als de stilte voor de inspirationele storm. En muziek, bewuste beweging of gerichte, vertraagde aanraking. De geïsoleerde prikkel opent binnenwerelden vol creatieve mogelijkheden. In elke wereld schuilt een andere werkgever, een ander soort onderwijs, een prikkelende, open opdracht die ik mezelf met alle liefde voor dit waanzinnige leven geef!"
Getuigenis - instant vreugde
Bij sommige vrienden voel ik instant vreugde.
"Bij sommige vrienden voel ik instant vreugde. De ontmoeting tussen onze 'bewustzijnen' roept een soort 'giddy' achtige energie op. Hey, welkom in mijn wereld, welkom in jouw wereld. Het zijn de mensen met wie ik een existentiële ernst deel, grappig genoeg. Ook zij leven meer in hun hoofdwereld, peinzen, vroeten, hebben hun eigen tikjes, zoeken naar structuur en verlangen eigenlijk vrijheid. Maar zodra we samen zijn verlicht dat zoekende. We zien in elkaar die bizarre ernst en merken meteen de dubbelzinnigheid, de eindeloosheid en het koddige ervan op. De ander zoekt woorden, denkt diep na, en ik zie iets van mezelf, dat gepijnigde onweten, lach er hartelijk op, alsof in die ontmoeting precies duidelijk wordt dat er nooit antwoorden zullen komen en we het simpelweg met dit moment, deze ontmoeting van doen hebben. Het is ook simpel. Als een ander dat getergde zoeken niet herkent of erkent, is de last ervan weleens deprimerend. Maar zodra ik een gelijkzoekende ziel ontmoet, blijkt dat menselijke iets om vol te beminnen. Niets meer, niets minder. Dat stemt mij diep vreugdevol, om die specifieke levensvorm mens in het grote heelal vol ontelbaar diverse vormen leven. Mijn hart maakt een sprong en wat eerder ernst leek is nu een vorm van verlangenvol spelen. Misschien is het wel een op de ander geprojecteerd verlangen om de denkteugels los te laten en vol overgave te voelen, bewegen, verbinden en vertrouwen. Mooi hè? Die instant vreugde zou ik eenieder willen schenken, elke ontmoeting opent een wereld aan mogelijkheden."
Getuigenis - voornemen
Eigenlijk heb ik maar eén voornemen. Mijn liefde meer tonen, liefde als basisbeleving koesteren.
“Eigenlijk heb ik maar eén voornemen. Mijn liefde meer tonen, liefde als basisbeleving koesteren. Er mag een sluier van mijn diepste diepten, de aangeleerde bescherming mag vertederen. In gevoeligheid ben ik geneigd afgeleid te raken van een liefdevol gevoel. Binnenin, buitenom, er zijn altijd wel verstoringen gaande. Mensen kijken weg waar ze eigenlijk behoefte hebben aan een wederkerige, langer aanhoudende blik. Hun intonatie verraadt irritatie, kleine stuipjes stilletjes opgekropte boosheid overschaduwen een gedeeld lot. Wat een interactie is, wordt afgedaan als individueel kwaad. Eerlijkheid is soms zo ver te zoeken dat alleen ongeloof geloofwaardig lijkt. Medemensen ondergaan grove ellende, waanzinnig geweld, verscheurende verlatenheid. Er zijn continu stromen prikkels gaande om met recht voluit verdrietig te zijn. Maar op den duur wordt dit een type verdriet dat de magische kwaliteit van doorleefd verdriet verliest. Doorleefd verdriet, waar je de tijd voor neemt en vooral de ruimte aan schenkt, verbind je weer met jezelf en opent de handuitreiking naar de ander. In de mogelijke overspoeling van afleidende pijnprikkels ontstaat er op den duur een opstoppend verdriet. Er komt niets meer naar buíten. Ik ken dat, dan leef ik binnen de muren van mijn eigen, verschrokken vel. Vereenzaamd, onbewust verdrietig. Terwijl de liefde juist op de zenuwrijke contactgrens met de ander floreert. Mijn voornemen is om me minder te laten afleiden door de toestroom aan mogelijke pijnprikkels. Want als ik kijk, écht kijk, met mijn diepere gevoel kijk, wat altijd in vertraging gebeurt, dan zijn er ook zoveel mooie momenten te ontraadselen uit het alledaagse en het levensgrote. Ik zie hoe mensen elkaar beminnen, hoe andere dieren ongekende wijsheden kennen en in een wereld leven die toch altijd verwondering oproept. Ik voel en zie wie we groots zijn alleen omdat we nietig onderdeel uitmaken van een adembenemend, omvattend geheel. Zo bekeken ademen abstracties. Ik wil stem geven aan die kleine en grote liefdesvondsten. Mezelf daarin ook laten zien. Want wáar is waár, dat is wie ik voel te zijn, als ik mezelf toesta vol te voelen en onzekerheid voorbij de grenzen van mijn ego erken. Een ‘hoe’, een kwaliteit van ervaren, zoals we dat allemaal zijn, precies omdat we zo innemend kwetsbaar verbonden zijn met elkaar, eén deinend zenuwstelsel dat we planeet aarde noemen. Het maakt me niet meer uit dat deze levenshouding zowaar een bundeltje tegelwijsheden is. Het gaat namelijk niet om de woorden, maar om de praktijk. Niet om de dringende daden, want soms is niets doen even liefdevol, maar om de actieve houding, de kwaliteit waarmee verbinding wordt gemaakt. Als ik mijn ogen dicht doe, gevoelsmatig in de donkerte tuimel en uit ervaring wederom weet dat ik altijd op gevoel land, is dit besef heel dichtbij. Mijn voornemen is een zijnswezen. Het maakt niet uit welk jaargetal daaraan kleeft, het gaat erom dat het leven nú is en daarmee onherroepelijk eindig en waardig in eén. Het gaat om een ontvankelijkheid die het waard is op elk moment fris en zinderend, levenswillend en daarbinnen ook intens rustig, geleefd te worden. Zo zijn we geboren, is het niet?”
Genius
Giftedness is an exchange, an art of giving and receiving, a phenomenal expression of deep reception in interaction with, not to be forgotten, generous, nondemanding giving.
"Genius is both a specific gift and a possibility that has not yet occurred; it is not fixed internal commodity to be exploited and brought to the surface, but a conversation to be followed, deepened, understood and celebrated. Genius is the meeting between inheritance and horizon, between what has been told, what can be told and what is yet to be told, between our practical abilities and our relationship to the gravitational mystery that pulls on us. Our genius is to understand, and stand beneath the set of stars present at our birth, and from that place to seek the hidden, single star, over the night horizon, we did not know we were following."
David Whyte, Consolations
A beautiful celebration of the vivid contact boundaries between the swirling inner world of the gifted and the outer world's abundant giftedness. An important reminder that we are always, simultaneously, interacting with the known and the unknown, the space of possibilities born from our sense of exploration and a courageous unassuming nature towards the boundaryless connections that make up life. A heartfelt encouragement to respect diversity as the cornerstone of our interconnections, to always look upon each other with potential in mind while respecting the incremental, emergent and idiosyncratic nature of anything one might deem progress on forehand. Not to claim another's genius is to provide the creative space for the other to thoroughly feel one's impending expansion through a subtle, friendly accompaniment. Giftedness is an exchange, an art of giving and receiving, a phenomenal expression of deep reception in interaction with, not to be forgotten, generous, nondemanding giving. Then, genius will show itself eagerly, raising its spirit from the margins of our known worlds.
Getuigenis - levensenergie
De meeste levensenergie, soms een voorwaartse moed, haal ik uit subtiele momenten van intimiteit.
“De meeste levensenergie, soms een voorwaartse moed, haal ik uit subtiele momenten van intimiteit. Net even die hand op mijn schouders, of zelfs de zachte vraag of het oké is dat die hand daar rust en mijn schouders in contact brengt met… Contact. Ineens is er de tast als intense observatie, de herinnering nu, voelend dus, te leven. De vraag, de uitreiking, de vertraging in de actie, precieze aandacht voor elk deel van het geheel. Het geéft energie. Intensiteit is dan afgestemd, ik voel een vertrouwd maar niet minder levendig soort intimiteit met leven. Vrienden die luisteren waar een ander misschien allang, ook wel begrijpelijk, afgehaakt was. Luisteren met een zachte ‘ja’, wat ‘hummetjes’ hier en daar, een glimlach en fit gevonden humor als existentiële ‘boost’ tussendoor. Luisteren met een heel wezen, het 'verwezenlijkt' elkaar. De scheut levensenergie die het in me oproept is kinderlijk vrolijk, soms overspeel ik vervolgens de intensiteit en verlies ik de intimiteit... Met mezelf, de ander dan uiteraard ook. De voorwaartse moed wordt een aangeleerde dadendrang, of ik dommel weg bij het idee altijd te kunnen leunen op de aanwezigheid van de ander. Na verdriet kan ineens een riante scheut vreugde volgen. Maar het is eigenlijk dezelfde energie. Het is eén en al levensenergie, misschien net een andere toon, kleur, beweging. Dat is waar levenskunst van gemaakt is. De gedaanteverwisseling van die levensenergie kan de overtuiging oproepen dat het over iets fundamenteel anders gaat, maar zodra ik weer die intieme kwaliteit voel, zodra mijn aandacht aandachtig, alert maar niet-willend is, blijkt het allemaal eén te zijn met elkaar. Dat is wat die lieve mensen bieden. Dat is de ontmoeting. Het open samenzijn, een subtiel samenvallen van waarnemer en waargenomene, omdat vertrouwen ís. En dan de wonderlijke waarneming van het bezige bijtje, de waarnemer. Wow, ik leef en het is helemaal goed zo! Ha, zelfs díe waarneming….Het leven als overgave in plaats van opgave.”
Getuigenis - lagen
Soms visualiseer ik dat er verschillende lagen van leven zijn waarin we ons kunnen bevinden.
“Soms visualiseer ik dat er verschillende lagen van leven zijn waarin we ons kunnen bevinden. Sociale lagen die een fysiek equivalent kennen. Spirituele lagen die evengoed lichamelijk resoneren. Creatieve lagen, niet echt als eén laag te duiden, lokaliseren. Hier hebben mensen al jááren over nagedacht… Theorieën zijn boeiend, soms verhelderend. Mijn geest lust er wel pap van! Maar...vooral het subtiele onderscheiden in de praktijk is waardevol. Eén ding is het om in mezelf, mijn gedrag of zelfs emoties, sociale lagen van een emotionele laag onderscheiden, een andere is het om met geconcentreerde aandacht bij de subtiele energetische verschuivingen in mezelf aanwezig te zijn. In het laatste geval blijkt het beeld van lagen niet meer stand te houden. Alles is beweging en daarbinnen is er een ademende stilte. De beleving van continue beweging ervaar ik als levenskracht – een zinderend, ontembaar gevoel. Soms ben ik er bang voor, in hetzelfde huis vol beweging vertoeft wat we pijn en onzekerheid noemen. Ik merk op dat ik dan liever verdiepingen onderscheid dan subtiele beleving onderzoek of de spreekwoordelijke hoeken van het huis afstof. Als mijn denken op dat moment weinig helder is, worden woorden van beton, ze gaan minder de relatie met elkaar aan, worden toevluchtsoorden voor een toegestaan stuk beleving dat van buitenaf bestudeerd wordt. Ervaring moet aan afmetingen voldoen. Dan verliezen woorden ook hun muzikaliteit. De intensiteit van de woorden lijkt niet meer te passen bij wat zich in alle levensdynamiek continu ontvouwt. Als ik het wat groots zeg, voelt het dan alsof er iets verloren gaat, aan leven verliest. Ik voel me dan ook ontheemd. Dat roept weleens angst op, chaos lijkt dan meester van mijn beleving, een geheel valt in steeds verder versplinterende, niets-voelende hokjes uit eén...Wat is de zin hiervan? Ik visualiseer opnieuw de lagen, grotere delen van een geheel dat opnieuw overzichtelijk aandoet, maar ben alsnog niet ‘terug’ bij de diepere levenskracht. Zoveel woorden dekken de gevoelslading van leven niet. Alleen in het muzikaal aan eén rijgen, in hóe ze uitgesproken worden, of hoe de woorden een ademend geheel, het verhaal, vormen, herken ik de subtiele verschuivingen die ervaring kenmerken. Alleen wanneer een uniek en verbonden bewustzijn opleeft van de zinnen, van de pagina’s, blijkt meerlagigheid te resoneren met hoe ik het in de praktijk beleef. Laag voor laag vallen lagen weg.”
Getuigenis - liefde en aandacht
Liefde en aandacht houden je idealiter niet in een machtsgreep. Emotioneel vasthouden doen we met ontspanning.
"Liefde en aandacht. Broodnodig. Bij een gevoeld gebrek gaan we stampvoeten. Logisch ook, er is nood. Als volwassenen stoten we elkaar af met gedrag dat stampende voeten spiegelt. We ontvangen precies niet wat we nodig hebben. Hoe frustrerend. En dan is het nog best lastig helder te zien wat je nu eigenlijk nodig had. Wat daarvan jij jezelf wel of niet biedt, kan bieden, wat je van de ander vragen mag.
Wie opgegroeid is met een chronisch gemis aan liefde en aandacht, kan de verwachting hebben telkens weer zo gefrustreerd te raken. Lichtgeraaktheid wanneer het inderdaad weer zo lijkt te zijn. Wanhoop kan nabij zijn. Het zenuwstelsel geeft de zoektocht op. Oké, dan niet...Alsof een ballon leegloopt. Het leven gaat op quasi non-existent door, zo min mogelijk levenskracht wordt aangesproken want de broodnodige bronnen worden niet geleverd om de energie aan te vullen. Alsof de ziel zich in de uiterste hoeken van het binnenlichaam oprolt, in een diep buikholletje, zover mogelijk wegtrekkend van de andere extremen, de handen, de voeten, alles wat de buitenwereld direct raken kan. Vingertoppen, tenen, puntje van je neus. Het wordt koud.
Het vraagt een alerte, zachte omgeving om te beseffen dat de wanhoop aangeleerde overleving is. We resoneren met elkaar mee en voor je het weet voelt iedereen de wanhoop. Onmacht. Stille, ijzige eisen. Verharding.
Liefde en aandacht houden je idealiter niet in een machtsgreep. Emotioneel vasthouden doen we met ontspanning. Van jouw lijf, mijn lijf. Er is niets mooier dan wanneer de levenskracht door het lijf zingen mag. Vol overgave.
We hebben elkaar daar dus voor nodig, dat is het kwetsbare. En tegelijkertijd is er iets in overvloed. Juist omdat de liefde en aandacht huidovergrenzend aangevuld worden. En hetzelfde holletje geen plek voor een lange, eenzame, koude winterslaap is, maar een door ieder gedeelde broedplek van emotionele intensiteit. Verlangen. We blazen er al ademend, synchroon ademend, leven in. Open handpalmen, een ferme ontvankelijkheid. We rise up, as they say."
Redactie voor je uit schrijven
Zin om je schrijfstem te ontstoffen?
De verleiding om te redigeren kan groot zijn. Te meer wanneer je gevoelsmatig even geen grip hebt op je schrijven. "Wacht, als ik nou gewoon nog eens doorlees wat ik tot nu toe gelezen heb, dan kom ik wel weer in de flow". Niet zelden ontstaat er dan geen flow, maar een overfocus op detail, zoekende pogingen om de zinsstructuur te polijsten of dat ene, meer sprekende woord te herinneren.
Details zijn zeker niet onbelangrijk en zinstructuren maken of kraken de leeslust. Toch is het voor de meer intuïtieve schrijver veelal geen goed idee om voorbarig de kritische lezersbril op te zetten. De vraag naar grip mag gelezen worden als een behoefte aan een frisse, intuïtieve ruimte. Gefaciliteerd door een wandeling, een meditatie, muziek, een onderdompeling in natuur of beweging; wat werkt voor jou.
Bovendien gaat dit over het aangaan van vertrouwen in het proces, een creatief proces dat in zekere zin jou(w werkwijze) ómvat, waar je niet de stuwende dirigent van bent. Dit kan een recept voor sluimerende angsten zijn. In de onzekerheid die inherent is aan de minder voorgestructureerde schrijfwijze worden angstbeelden gretig uitvergroot. "Prima, dank angst voor je nijverheid, maar er is hier weinig werk voor jou." Tenslotte mag je vermogen tot het experimenteren met zintuigen, de taal van het onderbewuste en het hebben van een eigenzinnig schrijfritme vooropstaan. Intens durven leven zonder vooropgesteld doel, dat is de openheid van ervaring die je intuïtieve schrijven spekt. Redigeren volgt wanneer het concept af is. Liefdevol geduld (mildheid mag), goedmoedige nieuwsgierigheid (oeehhh...wat valt er te ontdekken in de krochten van je fantasiekamers?) en noest respect voor de oncontroleerbare maar wel te inspireren grillen van het creatieve proces (een scheut verwondering, dat ook), zo wordt schrijven een levenskunst.
De innerlijke criticus kan zich in de in tussentijd richten op andere te-doen-taken, daar valt vast een extra criticus bij te gebruiken .
Zin om je schrijfstem te ontstoffen? Authenticiteit en auteurschap, er bestaat woordelijk en op ervaringsniveau een frappante overlap tussen. Tijdens schrijfbegeleiding word je uitgenodigd en uitgedaagd om het contact met jezelf woordelijk uit te diepen, een proces waarbij je artistieke vrijheid en expressie opleven door het procesmatig leren meebewegen met jouw creatieve ritme en fascinaties. Lees hier meer over schrijfbegeleiding.
Getuigenis - subtiliteit
Als sensitiviteit en ontmoeting samenkomen, is er een diep verlangen om op het subtiele niveau met elkaar uit te wisselen.
"Interacties zijn best vaak "grof". Zo ervaar ik het althans. Er gebeurt van alles op een subtiel niveau. Sensitiviteit is automatisch aangetrokken tot dat subtiele niveau en in ons menszijn wensen we als vanzelfsprekend wederkerigheid, daar zijn we toe uitgerust. Als sensitiviteit en ontmoeting samenkomen, is er een diep verlangen om op het subtiele niveau met elkaar uit te wisselen. Emotioneel waarachtig samenzijn, met erkenning van totale verbondenheid.
De praktijk is echter vaak grof, zeker vergeleken met de textuur, de klank, de smaken...van het subtiele. Vragen worden niet gesteld - of wel, maar het antwoord wordt niet opgewacht. Gezichtsuitdrukkingen worden gelezen, maar inhoudelijk genegeerd. Intonaties spreken boekdelen, maar alleen cijfers gaan te boek. Er schuilen binnenwerelden achter blikken, met daarin potentiële níeuwe, gedeelde werelden. Aan het einde van de dag verzucht ik weleens: hoe vaak zijn we voorbij een sensitieve essentie geschoten? Het hoofd draait op volle toeren, dat we diep relationele wezens zijn wordt herinnerd als we ziek worden van te veel grofheid.
Wie durft - vooral: leért - in te zoemen op het subtiele niveau, ontdekt dat je met kleine gebaren een groot effect kan creëren. Wellend verdriet beschijnen waar het eígenlijk opborrelt en ontladende verbinding verankeren zou, boosheid er laten zijn als kenmerk van kracht, vertragen waar versnelling de gewoonte is, niets zeggen en wél verbonden zijn, jezelf en de ander de ruimte gunnen om niet meteen, maar wel uiterst aandachtig te reageren, alle subtiliteiten emotionele speelruimte bieden, glimlachen om een grap maar de serieuze lading niet ontkennen, helder onderscheid maken zonder veroordeling, zachte plagerijen, grote intimiteit, bizar doen en zachtzinnig navoelen wat het clowneske met je binnenste doet....
Ademhaling komt vóór bewustzijn.
Medisch gezien is het een noodzakelijk weten, psychologisch kunnen we er ook in leren bestaan. In de ademhaling vertoeven, geconcentreerd en wel, telkens weer terug naar de in - én uitademing. Langzaamaan ontvouwt bewustzijn daaromtrent haar eerste contouren, een dynamisch en voelend zijn, zeer intens, maar niets overweldigend. En elke interactie, er is geen houden aan, prikkelt en wordt gevoeld, opent en dicht bewustzijn, kleurt haar veelzijdig en maakt gevoelswerelden op. Zo is het dat we subtiel naar elkaars bewustwording toe ademen, en de gedeelde taal een cadeau wordt waarmee openheid voor wat nog gevoeld gaat worden wordt gevoed.
Laat maar komen, dat bewustzijn. Ervaring is hoogsensitief."
Getuigenis - het mystieke
Alleen al de verwoording 'het mystieke' stelt me gerust.
"Alleen al de verwoording 'het mystieke' stelt me gerust. Dat heeft er veel mee te maken dat het mystieke voor mij over onzekerheid gaat. Wat we niet kunnen weten. Nooit niet, en wat zo vaak een bron aan angst is over wat er fout kan gaan, wat er te verliezen valt, wat er buiten zicht, buiten controle ligt. Wie dan met een zekere schoonheid en wijsheid spreekt over onzekerheid, wie het als mystiek onthaalt, stemt me ontspannen en vol verwondering. Die verwondering, daar wil ik eigenlijk elke dag wel even in wentelen. Verbeeldingskracht rust in het besef nooit helemaal voor te kunnen stellen wat de werkelijkheid omvatten kan. Doemdenken getuigt van onwetenheid over dezelfde overmachtige onzekerheid, wensdenken gaat voorbij de overgave aan wat zou kunnen.
Het mystieke waarin de onzekerheid leidend blijft, is voor mij het meest overtuigend. Ik voel weerstand wanneer in onzekerheid voortgaande vage angst wordt vervangen door een gerichte angst voor een ultiem einddoel, oordeel of vernietiging van het kleine ik door het Grote Al. Troost vind ik blijkbaar in het écht niet weten, een potentieel uit eén spattende openheid naar ervaring.
Toch is het een oefening, de continue dynamiek die hier onlosmakelijk mee verbonden is. Ook het mystieke zoals ik het nu benader wordt weleens lijzig, sentimenteel, niet trouw aan een doorleefde ervaring, waarin, denk ik, altijd iets van bescheidenheid opleeft. Er zijn zoveel manieren om "ik weet het niet" te leven. Verslagen, wanhopig, vermijdend, zelfafwijzend, afzettend...
"Ik weet het écht, oprecht niet." De mystieke ervaring roept stilte op, brengt verwondering naar de oppervlakte, woorden eraan geven went nooit helemaal.
Hoe word je eén met onzekerheid? Je bent het al. Dat helemaal doorvoelen.... het is waanzinnig verwonderend, soms intens ontregelend en bijna ongeloofwaardig realistisch. Wat we dagdagelijkse perceptie zouden noemen is toch ook waanzinnig te noemen? Hokjes, kaders, duidingen en substanties lossen op. Tenminste tijdelijk. Geen perceptie is alomvattend."
Getuigenis - denkbeelden
Soms houd ik mezelf een tijdje voor de gek. Dan bedenk ik dat ik toch vooral rust wens.
"Soms houd ik mezelf een tijdje voor de gek. Dan bedenk ik dat ik toch vooral rust wens. In mijn fantasie komt daar een heel gestructureerd leven bij. Al mijn gevoelens lijken de bijpassende denkbeelden te rechtvaardigen. Rust is het devies. Zelfde tijd op, zelfde tijd naar bed, prikkelvrijer door het leven, avonturen vind ik wel in boeken of in een herhaaldelijke reflectie op vroegere stuitertijden.
Het is een tijdje heérlijk en ik smul me vol met rust. Winters warm en enigszins onbereikbaar voor dierbaren op fysieke afstand. Vroeger kwamen daar weleens benadelende uitspraken over de rustelozen bij. Dat was natuurlijk simpelweg omdat ik mijn behoefte niet als zodanig accepteerde, maar er bevestiging voor zocht.
En precies wanneer ik me dan op een toppunt van rust bevind, blijk ik intense honger naar exploratie te voelen. Verzadigd, ik kan er geen rust meer bijnemen, dat zou tot ernstig beperkende stilstand leiden. Waahhhh…wat is er te dóen, wat is er te ontdekken?
Vroeger moest ik dan ook nog al die veilige denkbeelden loslaten. Ik had toch net een zelfbeeld geaccepteerd van een mens dat vooral rust wenst?
Ons denken kan ons zijn niet bijhouden. Denken is gefragmenteerd, beleving allesbehalve.
Ik houd mezelf nog steeds wel voor de gek, maar die denkbeelden lach ik sneller weg. Ach, laat ook maar, ik ben dit allemaal. Diversiteit als basis, ook ín mezelf. Rustig, onrustig, voldaan en ontevreden. Er is niets dat in en op zichzelf totaal vervullend is, behalve het hele pakket. Heel. Ja, die polariteiten lijken soms wat meer uitvergroot in mijn wezen, of tenminste hoe ik erover spreek. Niet in de laatste plaats vanwege oordelen, eigenlijk zijn dat spiegelingen van de vele emoties die ik erbij voel. En de nood aan nog meer acceptatie van de complexiteit. Gewoon, van mens zijn.
Emoties… Dynamische energie. Mooi dat diezelfde dynamische energie in zoveel vormen, zoveel bewegingen en keuzes komt, vind je niet?”
Dissoneren
Zodra iemand mentaal ferm positie inneemt, zo van 'dit vind ik daarom en punt', spring ik naar 'de andere kant' van die positie.
"Zodra iemand mentaal ferm positie inneemt, zo van 'dit vind ik daarom en punt', spring ik naar 'de andere kant' van die positie. Dat gaat automatisch. Ik wil het terrein verkennen en... niets uitsluiten. Of...niemand uitsluiten?
Misschien zit er een behoefte aan harmonie onder, die lang niet altijd vervuld wordt, want als ik me thuisvoel bij iemand dan poneer ik des te gemakkelijker een dissonant en je moet er maar zin in hebben, ruimte voor voelen. Je gelijk krijgen is wel lekker, maar ik reageer er met onderzoekende weerstand op. Is dit het werkelijk, is dit alles dat er is? Om werkelijk níemand uit te sluiten en dan dus een kakofonie aan opties te overwegen.
Ik kan het mogelijke sociale conflict onderscheppen door op de emotionele inhoud te focussen, daarmee te resoneren en hetgeen als mentale positie wordt verteld terug te koppelen in emotionele betekenis. Maar daarmee stopt het gesprek eigenlijk ook, ik maak de zoektocht van de ander monddicht.... De kunst van vragenstellen in plaats van de antwoorden klinkklaar klaarleggen, daar kan ik in groeien.
Door op emotionele inhoud te focussen, bewaak ik natuurlijk ook de verlangde harmonie in het contact met dierbaren. Een soort coping.
Daarnaast ben ik altijd op zoek naar plekken waar het helemaal oké is om de dissonant te zijn....Hulde aan de artiesten! Om datgene te vertolken dat nog niet gezien is, of dat aan de andere kant van het spectrum ligt, tegenstrijdig lijkt, maar eigenlijk een essentie spiegelt. Een essentie...de verbinding tussen de verschillen. Toch weer de verbinding...
Alles heeft met alles te maken en wanneer iets gezegd wordt dat regelrecht op eén doel lijkt af te gaan, onderschep ik de lijn graag en buig 'm de andere kant op. Ja, dan speel ik soms de tegenspeler in de hand, maar dat vind ik blijkbaar boeiend om te doen. Ik wil het verschil leven en de verbinding daarmee vieren.
Voldoen aan spelregels heeft me nooit aangesproken, of ik verzon ze zelf en raakte dan verveeld met de regels die ikzelf verzon.
Het moge duidelijk zijn dat ik veel innerlijke conflicten ervaar. Dat is ook wel prima zo, het is onderhoudend. Zolang ik regelmatig vertraag en eenvoudigweg ademmmmmm, geniet ik vaak volop van al die dissonerende innerlijke posities. Het leeft, het broeit, het schroeit, het vuurt voort!"
Who holds the space for the story to…
Ook tijdens het schrijven is 'ruimte onderhoud' voor sommige auteurs zeer belangrijk.
In sociale interactie is het een cadeau. Een cadeau om elkaar 'ruimte' te bieden en met elkaar sociaal afgestemde ruimte te onderhouden. In het Engels noemen we dit zo sprekend 'holding space'. Door present te zijn met elkaar, in contact met de fysiek-emotionele beleving en wellicht ook vrij conceptueel explorerend, herbeleven we frisheid, levendigheid en openheid. We voelen verbinding en zijn vaak verbaasd over wat zich dan toont in het contact. Een kek soort 'ik', losgevoeld van stramme verhalen, zachtzinnig, stoerspeels en/of expressief 'wilderig' in verbinding. Tranen en tuiten mogen vloeien en opborrelen, de emotionele reikwijdte van ons bestaan is verwijd en we plukken de emotionele oogst als gevoelde zingeving.
Ook tijdens het schrijven is 'ruimte onderhoud' voor sommige auteurs zeer belangrijk. Te meer wie op gevoel, verderweggedachten, inzinkende intuïtie en vurige verbeelding schrijft, is 'holding space' de geboorteruimte van het verhaal. De relatie die we aangaan met ons schrijven, anders dan de prestatie die verwacht wordt, komt dan centraal te staan. We zijn nieuwsgierig naar de creatieve natuurwetten van het verhaal en deze nieuwsgierigheid is eerder ontvankelijk dan sturend of vragend van aard. We creëren een fysieke ruimte die de ontvankelijkheid voedt. Bijvoorbeeld door het licht te dimmen, kaarsen aan te zetten, wat neoklassieke klanken te verorberen, harmonisch prikkelrijk of juist zinsussend prikkelarm te vertoeven. We experimenteren wat werkt, eén uur per week of zelfs om de week schrijven, om tegemoet te komen aan wat het verhaal nodig heeft, niet wat wij van onszelf vinden dat we 'moeten doen'. Want, zo voelt de relatie voor alle partijen het beste: eigenzinnige personages, geïnteresseerde websitelezers, innemende vertellers, gretige luisteraars,...ze voelen zich uitgenodigd door de auteur die hier de ruimte voor onderhoudt, 'who holds the space for the story to unfold at its own pace'.
Zo is eén worden met jouw schrijfcycli ook een rake oefening in mild en in verbinding met je veelzijdige zelf leven.
Welke nieuwe verhalen liggen in jouw binnenste te luilekkeren tot ze klaar zijn om het zoekende licht van jouw bewustzijn te aanschouwen ?
Wellicht spreekt individuele schrijfbegeleiding of een groepsgewijze schrijfmodule je aan.
Meer over individuele begeleiding lees je hier.
Begin 2023 start 'We've got new stories to tell' wederom. In deze schrijfcursus hebben we aandacht voor de nieuwe verhalen die we te vertellen hebben binnen de context van klimaatverandering en gerelateerde maatschappelijke, culturele en existentiële processen. En, uiteraard, binnen de context van onze persoonlijke, artistieke bewustwording.
Vanuit relaties
Vanuit de vrije ruimte ontstaat er een ander soort praktijk. Ik werk dan vanuit relaties.
"In mijn werk zoek ik altijd naar de vrije ruimte. Dat is het startpunt van wat ik bied en dat is waar ik telkens mag terugkeren. De vrije ruimte houdt in dat niet alles wat ik doe direct economische waarde kan hebben. Hoeft te hebben! Onder het mom van nuttig moeten zijn, de overfocus op het individu, maakbaarheid, een geconstrueerd soort welzijnsbeeld,....noem maar op... vergat ik weleens te experimenteren zonder winstoogmerk. Gewoon, vanuit het zogeheten niets onderzoeken wat er opkomt. Aan ideeën, interesses, fascinaties, aan ontmoeting ook.
Vanuit de vrije ruimte ontstaat er een ander soort praktijk. Net zo 'nuttig' en 'doelvol', eigenlijk, maar niet in reactie op vooropgestelde doelen. Ik werk dan vanuit relaties. Wat ontstaat er in relatie met anderen, wat dient zich daarin aan als hetgeen dat aandacht nodig heeft en bottom up komt opborrelen als mogelijke actie? Maar ook de relaties die ik vanbinnen ervaar. Met actuele maatschappelijke processen en structuren, met wie ik was en wie ik word, met de denker en de maker in mij, met de subtiele gevoelsprocessen en geharde gedachten, met kleine en grote inspiratiebronnen.
Zo heb ik geleerd dat ik niet het doel maar de relatie centraal mag stellen in mijn werk. Werk is verbinding maken. In een netwerk, zowel mentaal als sociaal, 'ont-staat'.
Lange tijd wist ik niet hoe dit precies uit te leggen aan anderen. Behalve dan wat het precies in dát contact kon betekenen. Ik vind dat nog steeds lastig haha...en misschien is dat wel prima zo! Als ik het wel ga uitleggen, sta ik namelijk niet echt in verbinding. We vertoeven niet in de vrije ruimte waarbinnen de relaties het veld van mogelijkheden voor iedere betrokkene bepalen, maar in de lijnen van míjn projecties, noden. Verhalen.
Praktisch versus 'in praktijk' bezig zijn zal wel een uitdaging blijven, al is praktisch-zijn net zo van waarde zolang ik het vanuit de relatie benader en voel en zie hoe het een praktijk van ontmoeting en experiment ondersteunt. Het is niet of/of, het is een ander paradigma én het zijn vergelijkbare processen en doelen."
Falling in Love
These last months, I fell in love with intriguingly subtle and expressively fierce ways of being alive.
These last months, I fell in love with intriguingly subtle and expressively fierce ways of being alive. A love, mediated through the wisdom and embodied closeness of my spiritual friends, and embedded within – even held by - the bigger uncertainties daring us to dive deep and let go what was never ours anyway.
An intense process is teaching me to care again, even more deeply and fully, for the eclectic being that I am. That we are.
'I' reveals itself in our authentic movements rather than a wilfull decision, in a breathtaking felt sense rather than an underlined, abstracted value, in the emotional margines rather than the socialized identity.
By identifying with diverse and intense states of being alive mirrored by those playfully and sometimes radically embodying them, I recognize and experiment with the universality and uniqueness of everyone’s aliveness. Diversity now becomes the bedrock of connection, the seeking of my fixed purpose in the unique perception of the other is transforming into an openness towards the other’s and my continuously changing life pattern.
I became and become aware of sensuality, a thirst for intimacy and a longing to feel closely present with all and everything. In the depths of my own experience lay a neglected longing for transformation through each other’s intimate presence. In that same realm, I found a passionate emotional connection with life, a stirring wish to surrender and go beyond the societal construction that one can ultimately and always control life’s movements.
I am equally caught be an awakening of fresh creativity. The need to stay tuned with an intuitive wisdom guiding me which ways, perspectives, feelings, textures, expressions, movements, and relations to explore and integrate in temporary manifestations of the wholesome creative process.
Awareness taught me that sensitivity needs her awareness to turn inward frequently, to breathe through the inspiration, exhale its meaning with every bodily cell and feel connected at once with the embodied ‘I’ and the mesmerizing whole, a sacred collaboration outweighing any other source of guidance. Autonomy found her home right in the middle of far and deep reaching roots, her unexpected road is paved by the steps that I undertake sensitively.
Enthusiastic as I am, a calling is revealing itself once again, and the delicate smile on my face shows the natural intimacy I feel with this kind of intensity. This time, the calling comes from an even deeper place, disclosing a spontaneous wisdom anchored in the bubbly process of my becoming. A calling, always artistic, a way of being alive I feel most intimately related with, simply asks me to take very good care of her needs, her sssshhhhhhhhh sensitive ways of being alive.
It's safe to say, a trailblazing and at the same time very traditional, existential source has appeared in the emotional waves of this research of aliveness.
Yes, grateful is the perfect word. Grateful for everyone that crosses my path, in particular those that share their love and compassion while never telling me which way to go, while always forging their own path on the go.
It’s safe to say, I found my tribe and now my wings are growing day by day. Thank you, my Love !
Intuïtief schrijven
De 'intuitive space' opzoeken, zoals Lauren Sapala dat zo mooi noemt, doe ik onder andere door te mediteren, te dansen, muziek te luisteren, te wandelen ….
In een onderwijscontext leren we veelal doelgericht schrijven. Wat zijn hoofd - en bijzaken, wie maken deel uit van de doelgroep, hoe ziet de outline eruit, let je secuur op zinsstructuur.... Hoewel dit type schrijven enorm veel kan bieden aan kwaliteit, werkt het niet voor iedereen. Sterker nog, het kan enorm veel weerstand oproepen.
Mocht je deze weerstand herkennen, dan kan het zijn dat je doorgaans (meer) intuïtief schrijft.
Zo schrijf ik veelal niet naar een einddoel toe als wel dat ik relatiegevoelens ervaar richting bijvoorbeeld de lezer, de hoofdpersoon waar ik over schrijf (of liever, waar ik ''in schrijf" of "waar vanuit" ik schrijf), de onderwerpen waar ik me gevoelvol aan overgeef (ík schrijf niet, er wordt door mij heen geschreven, als het ware) of de ruimte waarbinnen ik me tekstueel bevind.
Om dit type schrijven - de bijpassende bewustzijnstoestanden - aan te wakkeren, is het belangrijk dat ik niet sterk gefocust ben op een einddoel, het redactieproces of de feedback van de innerlijke criticus. De 'intuitive space' opzoeken, zoals Lauren Sapala dat zo mooi noemt, doe ik onder andere door te mediteren, te dansen, muziek te luisteren, te wandelen of elke dag, alla Julia Cameron, 5 minuten ongecensureerd te schrijven.
Het loslaten van een vooropgesteld doel is een levenskunstige oefening. Het is welhaast een andere manier van leven beleven. Open sensitief onderzoek, artistiek experiment, sensueel vrijelijk aftasten, verbeeldingsrijk toetsen, wijselijk laten sudderen, vervullingsdrang ontspannen... het zijn tendensen die niet alleen binnen schrijfwerk een uitdaging én rijke verdieping bieden. In dit proces komen woorden heel dichtbij het gevoelde lichaam, het onbewuste danst met het bewuste, dromen en realiteit inspireren elkaar intensief, jouw pen volgt de ongewone ritmes uit een levendige dialoog tussen emoties, gedachten en verbeelding, de wereld die je in woorden schept is doorleefd.
Herken je jezelf in de intuïtieve schrijver? Wat werkt voor jou? Hoe creëer jij een intuïtieve artistieke ruimte?
*Wil je graag een existentiële en artistieke verdieping aangaan en is schrijven daarbij voor jou een geliefde expressievorm? Heb je een schrijfverlangen, al dan niet deels manifest in een boekidee of ander schrijfproject, en zou mentoring hierbij je uitnodigen tot verdergaande exploratie, zelfkennis en artistieke moedigheid? Sta je ervoor open om je schrijfpraktijk bijvoorbeeld te verrijken met lichaamsgerichte, gevoelsrijke oefeningen? Wees welkom voor schrijfbegeleiding.
*NB: voor creative professionals is de PPO subsidie interessant.
I to I
Contact boundaries revitalize our understanding of belonging.
To live precisely, preciously on the borders of one’s ultimate condition – skinned existence – is to embolden both the space tenderly illuminated as a We and the space sacralized as the enigmatic, courageous I.
Here, we meet I to I.
Here, our rightful aloneness belongs and senses its belonging through a silent yet seducing invitation to stretch, to reach out, to hold back, to touch, to lay down, to cuddle, to speak, to play, to yawn,... Here, sensations become fuel for imagination, a potential choreography of a shared life.
Contact boundaries revitalize our understanding of belonging.
Here, We is the innate potential of the I to unravel its timebound, particular form and, even if only for an immersiful second, gain a cosmic quality. Boundless becoming. Here rises an intuition, an unexpected opening up, an ’ah yes, me too’.
I am other.
Shifting subtleties shape the living room of our felt pronouns.
At the frontier of one’s deepened, sensitized aloneness lies the spiritually enriching experience of the other's otherness. We deeply turn inwards and broaden our connections outwards.
Here, We expands
to become an I
never expected
Here, We is but a birthing of each other’s I.
Here, We becomes an intimate experience of what is essensual to our collective's third eye.
Naar binnen toe
“Maar de kern is, dat ik leer contact met mezelf te voelen. Helder, aanwezig. Kwestie van naar binnen toe in plaats van buitenom voelen.”
“Zodra ik iets deed dat niet goed voelde, voelde ik me schuldig. Een knagend, tergend gevoel, het gewicht van de wereld op mijn schouders. Oh…. dan wilde ik hoe dan ook uít dit lichaam stappen. Als ik even snauwde, via een omweg mijn wil oplegde, te fel spiegelde, uit vermoeidheid geïrriteerd was.
Misschien de ander pijn doen.
Hij zei: “Dag lieverd, ik zal je missen.”
En dan zei ik “Ah, lekker contact maken met de mensen daar.”
Maar dat zei ik dan te snel en schuchter. En ik wist: dat zeg ik, omdat ik even lós wil staan van al dat missen. Van zíjn gevoel.
Ik wilde contact met mezelf.
Hij was nog niet weg of ik begon me al schuldig te voelen. Was mentaal druk in de weer met een juiste ‘sorry’.
En zo raakte ik alleen maar meér verwijderd van mijn eigen sensitiviteit. Elke gedachte trok me weg van die bewuste sensitiviteit.
Pas later zag ik het. Schuldgevoel kwam voorafgaand aan verantwoordelijkheid. Niet eens zo mentaal. Ik bedoel, responsief kunnen zijn. Zoals in het Engels het woord ‘responsibility’. Sensitief zijn. Ik had zijn ‘missen’ kunnen ontvangen en toch contact kunnen houden met mezelf.
Correctie. Ik had het niet gekund, want ik deed het niet. Zie je. Schuld is het verleden met man en macht in het heden drukken. De ruimte van het heden vullen met de lasten van het verleden.
Responsief zijn, hier en nu. Het lucht me op te zeggen dat ik gewoon even geen contact wens.
Maar de kern is, dat ik leer contact met mezelf te voelen. Helder, aanwezig. Kwestie van naar binnen toe in plaats van buitenom voelen.
Dat heb ik niet geleerd. Alsof ik al die tijd vergat uit te ademen.
Als ik boos was, was mijn moeder duidelijk.
‘Als het je niet zint, dan blijf je maar weg.’
In mij schuilt een leeuw die zo hard brult dat zij omvalt.”
Dilaila, tijdens een fictieve sessie relatietherapie