Uit de holte voort

Gepubliceerd op
12 juli 2017

We gebruiken woorden om wat elusief is bespreekbaar te maken. Kortstondig lijkt een realiteit te stollen - we bespreken 'het' - alsof deze realiteit zonder levensgevaar tijdelijk van zijn omgeving, context, bevinder en ontwikkeling ontdaan kan worden, juist daar zijn zeggenschap mee bevestigt. Het glipt je niet meer uit de handen, het komt uit jou voort! De taal lijkt de spreker als veroorzaker te kronen. De luisteraar bevestigt het voortbestaan van zijn grote inspiratiebron.
Wie schrijft, dicht iets toe en waant zich even geen bijverschijnsel van chaos. Woorden lijken werelden te baren. De wereld is zwanger van betekenis, zo laat de buigzame en volgzame taal zwart op wit zien.

Hoe vaker een woord wordt gebruikt, hoe meer de nuancering, gevoelens, relativiteit en uitspreker aan hem onttrokken worden. Dan noemen we het woord op den duur hol van betekenis en zo scheppen we met een nieuw cliché een laatste verzet tegen de leegte. Herhaling lijkt voor de taal als betekenisdrager een doodsbedreiging, al geldt hiervoor een omslagpunt dat niet zichtbaar is aan een leesteken, maar voelbaar als irritatie, misselijkheid en duizelingwekkende behoefte aan doen, denken en duiden.

Tot de voorwaardelijke herhaling zijn wurgklauwen om de specificiteit van een woord heeft kunnen draaien, doordraaien, biedt herhaling de kans op retoriek en hypnose. Blindstarend op een woord of een zin als ultieme duiding van complexiteit, ontgaat het de lezer of luisteraar dat zijn ervaring ermee gemoeid is. Ervaring die ongrijpbaar voor het oprapen ligt in de taal, zo droomt de volgzame denker zich een talig weten als veilig huisje.

De hypnose biedt een portaal naar de holle betekenis, naar ontsluiting van de taal als gegevensdrager. De oplettende lezer zal toch altijd ergens wel blijven geloven dat je via taal de waarheid spreken kan. Wie zich laat meevoeren met de herhaling richting de holte, treft de altijd al grotendeels lege werkelijkheid aan. Ontworteld van ingrijpen, rijp voor vernieuwing. Ja, juist wie zich niet tegen deze ontheemding van de taal verzet, zal haar verve en charme leren kennen. Als een passage, als een medium, als een revue, als een expressie..ze zinspeelt op je wil om te overleven en na ettele keren herhaling beleef je al levend de dood, zoals deze zich in elke context, omgeving, persoon en bevinder onzichtbaar voordoet. Leve de taal!

Wie trouw zweert aan helderheid leest dit onbewust terug in de té ervaren, zo je wilt mystieke, niet te printen dimensies van taal. Ontdoe je een woord door gruwelijke herhaling volledig van betekenis, juist dan schep je de vitale condities tot persoonlijke betekenisgeving. Er zal een zin groeien op plekken die je tot nul en gevoelloos ontleed had. Niet als verzet tegen de leegte, wel als vanzelfsprekende ja tegen de gemeenschap tussen woorden, die onvrijwillig of inhalig tot zingeving zal leiden.

Er spreekt pas een zin achter een punt, meer nog na een kortdurende maar extreem verontrustende leegte. Hulde aan de holte!